Indonesische satésaus

De echte satésaus van Ikie

Heb jij smaak en ben je die vieze Wijko satésaus nu eindelijk een keer zat? Maak dan eens de indonesische satésaus van Ikie. De eerste paar keer moet je even de tijd nemen, maar later maak je de saus met je ogen dicht (maar wel met je mond).

En ja, je hebt wel wat aparte ingrediënten nodig, maar eigelijk heb je de meeste sowieso nodig voor veel indonesische gerechten. Je gebruikt er maar weinig van, dus gewoon op voorraad kopen. Maak deze satésaus bij bami, nasi, loempia’s, gehaktballetjes of gewoon saté. Wat je teveel of over hebt, kan je invriezen.

Nog wel één belangrijke tip: maak de satésaus eerst voordat je andere gerechten maakt. Je moet namelijk langzaam verwarmen en heel regelmatig roeren. Als het gaat schiften, is het echt niet lekker meer.

  • 10 personen

    Dit recept is voor 10 personen

  • 15+ min. bereiden

    Uiteindelijk kan je deze satésaus in 15 minuten maken.

  • Wat kost het?

    Onbetaalbaar!

Satésaus pindasaus Ikie Wielandt

Ingrediënten

Dit is een richtlijn, je kunt variëren met deze ingrediënten. Kokosmelk en pindakaas zijn de basis.

Kokosmelk (Kara)500 ml
Pindakaas300 gr
Ketjap Manis6 eetlepels
Knoflook2 tenen
Palmsuiker (of bruine suiker)2 eetlepels
Gembersiroop (of Djahee)3 eetlepels
Sambal (badjak)2 eetlepels
Katoumbarmespuntje
Serehmespuntje

Aan de slag

  • 1

    Voorbereiding

    Neem een steelpan en pers daar twee tenen knoflook in. Voeg toe:
    – 2 eetlepels sambal
    – mespuntje katoumbar
    – mespuntje sereh
    – 6 eetlepels ketjap
    – 2 eetlepels palmsuiker (Gula Djawa)
    – 3 eetlepels gembersiroop (Djahee)
    – 4 flinke scheppen pindakaas

  • 2

    Zachtjes verwarmen

    Zet de pan op een zeer laag vuur en roer de ingrediënten regelmatig door. Wanneer de pindakaas zacht wordt, voeg dan de kokosmelk toe. Hou wat over om later toe te voegen. Blijf regelmatig roeren totdat de satésaus goed warm is.

  • 3

    Proeven, proeven, proeven

    Nu komt het belangrijkste: goed proeven. De satésaus moet niet naar pindakaas smaken, maar ook niet naar kokosmelk. Probeer de juiste balans te vinden door óf pindakaas of kokosmelk toe te voegen.

    Probeer daarna de juiste balans te vinden tussen zoet, zuur en zout. Gebruik ketjap voor zout, gembersiroop voor zoet en sereh voor zuur. Goede satésaus is zoet, maar heeft een zuurtje.

    Tenslotte maak je de juiste dikte. Voeg water toe om de saus dunner te maken, voeg pindakaas en kokosmelk toe om de saus dikker te maken.

    Eet smakelijk!